ECLI:NL:RBBRE:2010:BO2769
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Van Lanen
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van verrekening en faillissementspauliana in faillissement De Vries Cargo en Distribution
De rechtbank Breda behandelde een geschil tussen de curator van de failliete vennootschappen De Vries Cargo BV en De Vries Distribution BV enerzijds en Penske Logistics BV anderzijds. De curator vorderde betaling van openstaande facturen, terwijl Penske Logistics zich beroept op een verrekeningsafspraak tussen de partijen en stelde dat zij reeds bevrijdend had betaald aan de pandhouder ING Commercial Finance BV. Tevens vorderde Penske Logistics betaling van huurpenningen van Transport Group.
De rechtbank stelde vast dat verrekening mogelijk is op grond van artikel 53 Faillissementswet Pro en dat een contractuele verruiming van de verrekeningsbevoegdheid ook binnen faillissement aan de curator kan worden tegengeworpen. De stelling van Penske Logistics dat zij bevrijdend aan ING had betaald faalde, omdat betaling aan de pandhouder niet als bevrijdend geldt. De curator betwistte het bestaan van de verrekeningsafspraak en de rechtbank liet Penske Logistics toe bewijs te leveren, onder meer door getuigenverhoor.
Het beroep van de curator op faillissementspauliana faalde omdat geen sprake was van een rechtshandeling om niet en wetenschap van benadeling ontbrak. Ten aanzien van de huurvordering stelde de rechtbank dat Penske Logistics niet-ontvankelijk is omdat zij niet de verhuurder is en de curator niet optreedt namens Transport Group. De rechtbank hield verdere beslissing aan in afwachting van bewijsvoering.
Uitkomst: De rechtbank houdt verdere beslissing aan en laat bewijs toe over de verrekeningsafspraak; Penske Logistics is niet-ontvankelijk in de huurvordering.