ECLI:NL:RBBRE:2010:BO7422
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Matiging sanctie wegens niet tijdig APK-keuring door medische omstandigheden kentekenhouder
Betrokkene stelde beroep in tegen een administratieve sanctie opgelegd wegens het niet tijdig laten uitvoeren van een APK-keuring van een voertuig. De officier van justitie verklaarde het beroep niet-ontvankelijk wegens overschrijding van de beroepstermijn van zes weken zoals voorgeschreven in artikel 6:7 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
De kantonrechter oordeelde echter dat de overschrijding van de termijn redelijkerwijs niet aan betrokkene kon worden toegerekend vanwege diens medische toestand, namelijk progressieve afasie en dementie. Hierdoor werd het beroep alsnog inhoudelijk behandeld.
Inhoudelijk werd vastgesteld dat het voertuig inmiddels geschorst is en dat de kentekenhouder, de moeder van betrokkene, vanwege haar medische situatie voldoende aanleiding gaf om de sanctie te matigen. De kantonrechter matigde de sanctie tot nihil en beval terugbetaling van de zekerheidstelling en het teveel betaalde bedrag.
Daarnaast wees de kantonrechter op de keuringsplicht volgens artikel 72 van Pro de Wegenverkeerswet 1994 en de mogelijkheid van schorsing van het voertuig volgens artikel 67 van Pro dezelfde wet, met het advies om tijdige verlenging van de schorsing te waarborgen om nieuwe sancties te voorkomen.
Uitkomst: Beroep gedeeltelijk gegrond verklaard en sanctie gematigd tot nihil met terugbetaling van zekerheidstelling.