ECLI:NL:RBBRE:2010:BO7709
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Meyboom
- Rechtspraak.nl
Verdeling van huwelijksgoederengemeenschap en kosten na echtscheiding
Partijen, gehuwd in 1977 en gescheiden in 2006, zijn het niet eens over de verdeling van hun huwelijksgoederengemeenschap. De rechtbank hanteert als peildatum voor de waarde en omvang van het gemeenschappelijk vermogen het tijdstip van ontbinding van het huwelijk en de feitelijke verdeling.
De man en vrouw vorderen elk een andere verdeling van de gemeenschap en betaling van bedragen. De rechtbank beoordeelt diverse posten, waaronder bankrekeningen, schulden aan advocaten, hypotheeklasten, kosten van royeren van beslagen, en de waarde van een auto. De rechtbank wijst de auto toe aan de man onder verrekening van de helft van de waarde met de vrouw. Bankrekeningen worden aan de man toegewezen, met verrekening van saldi. Schulden worden verdeeld op basis van redelijkheid en bewijs.
Vorderingen van beide partijen tot schadevergoeding wegens onrechtmatige daad worden afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing. De proceskosten worden gecompenseerd, waarbij iedere partij de eigen kosten draagt. De rechtbank gelast de wijze van verdeling en veroordeelt de man tot het overleggen van bankafschriften.
Uitkomst: Rechtbank Breda gelast de verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap met toedeling van activa en schulden en wijst schadevergoedingsvorderingen af.