ECLI:NL:RBBRE:2010:BP2298
Rechtbank Breda
- Voorlopige voorziening
- mr. Schoonen
- Rechtspraak.nl
Machtiging tot voortzetting uithuisplaatsing baby wegens onbetrouwbare onderbrenging en belang minderjarige
De rechtbank Breda heeft op 28 december 2010 uitspraak gedaan in een zaak betreffende de machtiging tot uithuisplaatsing van een baby. De moeder had de minderjarige onttrokken aan de hulpverlening van de Stichting Bureau Jeugdzorg Noord-Brabant door het kind onder te brengen bij de Stichting Contra Expertise Friesland, een organisatie die later als onbetrouwbaar werd aangemerkt.
De stichting was gemachtigd om de minderjarige uit huis te plaatsen in een pleeggezin, omdat de moeder niet openstond voor een RMPI-opname en het kind niet in goede handen was bij de genoemde stichting. Het Openbaar Ministerie had de minderjarige uit de Stichting Contra Expertise Friesland gehaald vanwege ernstige twijfels over de betrouwbaarheid van deze organisatie.
De moeder maakte bezwaar tegen de uithuisplaatsing en stelde dat zij geen kans had gekregen om aan de beschikking te voldoen. Zij wilde alternatieven bespreken en betwistte dat een RMPI-opname met haar was besproken. Desondanks oordeelde de rechtbank dat het belang van de minderjarige voorop staat en dat voortzetting van de uithuisplaatsing in een pleeggezin noodzakelijk is.
De rechtbank handhaafde de beschikking van 7 december 2010 en verlengde de machtiging tot uithuisplaatsing tot uiterlijk 9 december 2011, met het oog op het indicatiebesluit van de stichting en het belang van de verzorging en opvoeding van de minderjarige.
Uitkomst: De rechtbank verlengt de machtiging tot uithuisplaatsing van de minderjarige tot uiterlijk 9 december 2011 wegens het belang van het kind.