ECLI:NL:RBBRE:2011:BP7645
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Geen belanghebbende status voor rechtspersoon inzake ingehouden premies sociale verzekeringen
Belanghebbende, een rechtspersoon, factureerde een sportbond voor werkzaamheden van haar directeur-grootaandeelhouder als bondscoach. De sportbond hield premies sociale verzekeringen en zorgverzekeringswet in op de betalingen. Belanghebbende maakte bezwaar tegen deze inhoudingen, maar de inspecteur verklaarde dit bezwaar niet-ontvankelijk.
De kern van het geschil betrof de vraag of belanghebbende als rechtspersoon rechtsmiddelen kon inzetten tegen de inhouding van premies die betrekking hadden op haar directeur-grootaandeelhouder. De rechtbank oordeelde dat op grond van de toepasselijke wetgeving alleen degene van wie de premies zijn ingehouden bezwaar en beroep kan instellen.
De rechtbank stelde vast dat belanghebbende niet als belanghebbende in de zin van artikel 26a AWR kon worden aangemerkt, omdat de premies waren ingehouden ter zake van de werknemer, niet van de rechtspersoon zelf. Civiele geschillen over wanprestatie of omzetbelasting waren irrelevant voor deze bestuursrechtelijke procedure.
Daarom verklaarde de rechtbank het beroep ongegrond en zag geen aanleiding tot het opleggen van proceskosten.
Uitkomst: Het beroep van de rechtspersoon tegen de niet-ontvankelijkverklaring van haar bezwaar tegen ingehouden premies is ongegrond verklaard.