ECLI:NL:RBBRE:2011:BQ5243
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Prenger-de Kwant
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verzoek tot vaststelling dwangakkoord tegen schuldeiser die weigert schuldregeling
Verzoekers boden hun schuldeisers een schuldregeling aan van drie jaar met finale kwijting tegen minimaal 12,20% van de vordering. Van de zeven schuldeisers was alleen NEM tegen, die minimaal 30% wilde. Verzoekers vroegen de rechtbank om een dwangakkoord vast te stellen zodat NEM gedwongen wordt in te stemmen.
De rechtbank oordeelde dat het wetsartikel 287a Fw het mogelijk maakt om een dwangakkoord vast te stellen als een schuldeiser onredelijk weigert. NEM’s vordering bedroeg slechts 1,2% van de totale schuld, en de regeling bood haar een betaling van minimaal €79,40. De rechtbank vond dat NEM in redelijkheid niet kon weigeren, terwijl de overige schuldeisers wel belang hadden bij de regeling.
Daarom werd het verzoek tot dwangakkoord toegewezen en hoefde het subsidiaire verzoek tot toelating tot de schuldsaneringsregeling niet verder behandeld te worden. NEM werd veroordeeld in de proceskosten, die nihil werden begroot omdat er geen griffierecht was en verzoekers geen procureur hadden ingeschakeld.
Uitkomst: Verzoek tot vaststelling dwangakkoord wordt toegewezen en schuldeiser NEM wordt veroordeeld tot instemming met schuldregeling.