ECLI:NL:RBBRE:2011:BQ6673
Rechtbank Breda
- Raadkamer
- Warnaar
- Rechtspraak.nl
Afwijzing nevenvoorzieningen bij echtscheiding wegens niet verschijnen ter zitting
De rechtbank Breda behandelde een echtscheidingszaak waarin partijen op 29 oktober 1990 waren gehuwd onder huwelijkse voorwaarden. Partijen hadden geen minderjarige kinderen en hun huwelijk was duurzaam ontwricht. De vrouw verzocht onder meer om echtscheiding, vaststelling van een onderhoudsbijdrage en het voortzetten van de bewoning van de echtelijke woning. De man stelde eveneens verzoeken omtrent bewoning, onderhoudsbijdrage en verdeling van goederen.
Partijen verzochten op 5 april 2011 uitstel van de mondelinge behandeling van 7 april 2011 om hun vermogensrechtelijke afwikkeling en alimentatie in der minne te regelen. Dit verzoek werd afgewezen omdat het te laat was ingediend. Desondanks verschenen partijen niet op de zitting en lieten weten het overleg voort te zetten zonder mondelinge behandeling. De rechtbank oordeelde dat de zittingscapaciteit benut had moeten worden en dat het ontbreken van partijen op de zitting tot onvoldoende informatie leidde om de nevenvoorzieningen te beoordelen.
De rechtbank sprak de echtscheiding uit en compenseerde de proceskosten tussen partijen, waarbij ieder zijn eigen kosten draagt. De overige verzoeken werden afgewezen wegens het ontbreken van nadere toelichting en het niet indienen van een overeenkomst. Tegen deze beschikking staat hoger beroep open.
Uitkomst: De rechtbank sprak de echtscheiding uit en wees de nevenvoorzieningen af wegens niet verschijnen ter zitting.