ECLI:NL:RBBRE:2011:BQ7643
Rechtbank Breda
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Schorsing concurrentiebeding werknemer wegens onredelijke bezwarendheid
De werknemer [X] trad in 2008 in dienst bij Stoncor als Territory Manager met een concurrentiebeding van 24 maanden na beëindiging van het dienstverband. Na zijn ontslag per 20 december 2010 trad hij per 1 januari 2011 in dienst bij Betonlook, een bedrijf dat volgens Stoncor concurreert met haar activiteiten in kunststof vloerafwerking. Stoncor stelde dat [X] het concurrentiebeding overtrad en vorderde betaling van boetes.
De voorzieningenrechter oordeelde dat Stoncor onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat zij schade lijdt door de overstap van [X] naar Betonlook. De enkele vrees voor benadeling was niet concreet onderbouwd. Bovendien woog het belang van [X], die een positieverbetering nastreeft in een werkomgeving die beter is voor zijn gehoor, zwaarder dan het belang van Stoncor bij handhaving van het concurrentiebeding.
De rechtbank schorst het concurrentiebeding in afwachting van de bodemprocedure en wijst de reconventionele vordering van Stoncor tot betaling van boetes af. Stoncor wordt veroordeeld in de proceskosten. De uitspraak is gedaan door mr. R.J.H. Goossens op 9 juni 2011.
Uitkomst: De rechtbank schorst het concurrentiebeding van werknemer [X] en wijst de vordering van Stoncor tot betaling van boetes af.