ECLI:NL:RBBRE:2011:BR1093
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering energieleverancier wegens onvoldoende substantiëring en onterechte aanmaningskosten
De Nederlandse Energie Maatschappij B.V. (NEM) vorderde betaling van een bedrag van €253,46 van gedaagde wegens niet-betaalde energierekeningen. Gedaagde stelde dat hij alle facturen had voldaan en dat onterechte aanmanings- en administratiekosten in rekening waren gebracht.
De rechtbank oordeelde dat NEM niet had voldaan aan haar substantiëringsplicht omdat zij in de dagvaarding geen rekening hield met het gevoerde verweer van gedaagde. Uit het bewijs bleek dat een factuur tijdig was betaald en dat NEM betalingen onjuist had afgeboekt, wat leidde tot onterechte aanmaningskosten. NEM kon de aanmaningskosten niet voldoende onderbouwen.
Na vermindering van de hoofdsom en correctie van de aanmaningskosten bleek dat NEM geen resterende vordering had op gedaagde. Daarom wees de rechtbank de vordering af en veroordeelde NEM in de proceskosten, die nihil waren begroot.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering van de energieleverancier af wegens onvoldoende onderbouwing en onterechte aanmaningskosten.