ECLI:NL:RBBRE:2011:BR2744
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- G.J.E. Poerink
- D. Hund
- E.J.G. Eijssen-Vruwink
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek wegens miscommunicatie zonder schijn van vooringenomenheid
In deze strafzaak werd een wrakingsverzoek ingediend door de verdediging van een verdachte die werd verdacht van een gewapende overval. Het verzoek betrof de vermeende vooringenomenheid van de meervoudige strafkamer, naar aanleiding van de toelating van de benadeelde partij en haar vader tot de terechtzitting ondanks bezwaar van de raadsman.
De raadsman had voorafgaand aan de zitting bezwaar gemaakt tegen de aanwezigheid van de benadeelde partij, onder meer omdat zijn cliënt zwakbegaafd is en zich daardoor bezwaard zou voelen. Tevens wilde hij de benadeelde partij mogelijk als getuige horen over het signalement van de dader. Door een miscommunicatie via de bode werd dit bezwaar niet volledig en tijdig aan de strafkamer overgebracht, waardoor de benadeelde partij toch werd toegelaten.
De wrakingskamer oordeelde dat hoewel de strafkamer wellicht beter had moeten doorvragen, de miscommunicatie niet leidt tot de schijn van vooringenomenheid. De rechtbank heeft geen duidelijke instructie ontvangen die de ernst van het bezwaar weerspiegelde. Het verzoek tot wraking werd daarom afgewezen.
De uitspraak werd gedaan op 22 juli 2011 door de wrakingskamer van de Rechtbank Breda en is onherroepelijk.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek wordt afgewezen omdat de miscommunicatie niet leidt tot de schijn van vooringenomenheid van de strafkamer.