ECLI:NL:RBBRE:2011:BT1793
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van Gessel
- Van Kralingen
- Van Breevoort
- Rechtspraak.nl
Verlenging TBS-maatregel met voorwaardelijke beëindiging bij recidiverisico door middelengebruik
De rechtbank Breda behandelde op 9 september 2011 de vordering van de officier van justitie tot verlenging van de terbeschikkingstelling (TBS) van een veroordeelde die eerder voorwaardelijk was beëindigd. De TBS was opgelegd na een moordveroordeling en was reeds verlengd met een voorwaardelijke beëindiging van de verpleging.
Novadic-Kentron en een externe psychiater adviseerden de verlenging van de TBS met twee jaar vanwege een hardnekkige verslavingsproblematiek, een persoonlijkheidsstoornis en een hoog risico op recidive. De officier van justitie stelde ter zitting voor de TBS met één jaar te verlengen, mede omdat de veroordeelde nog niet was geplaatst in een begeleide woonvorm en er weinig dagbesteding was.
De rechtbank oordeelde dat de wettelijke bepaling over verlenging van de voorwaardelijke beëindiging een kennelijke misslag van de wetgever is en dat volstaan kan worden met een vordering tot verlenging van de TBS. Gezien het recidiverisico en de veiligheidsbelangen verlengde de rechtbank de TBS met één jaar, waarbij de voorwaardelijke beëindiging van de verpleging impliciet werd verlengd. De voorwaarden van de eerdere voorwaardelijke beëindiging bleven ongewijzigd.
Uitkomst: De rechtbank verlengt de TBS-maatregel met dwangverpleging met één jaar inclusief de voorwaardelijke beëindiging.