ECLI:NL:RBBRE:2011:BT8844
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- Kooijman
- Peeters
- Beukers
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor medeplegen van valsheid in geschrift bij faillissementsfraude
De rechtbank Breda heeft op 20 oktober 2011 uitspraak gedaan in een strafzaak tegen verdachte die samen met een medeverdachte valse facturen heeft opgemaakt. Deze facturen zijn gebruikt om het faillissement van het bedrijf De Baronie aan te vragen. De rechtbank acht op grond van getuigenverklaringen, onderzoek door de FIOD-ECD en andere bewijsstukken wettig en overtuigend bewezen dat verdachte en zijn medeverdachte valselijk facturen hebben vervaardigd die niet overeenkomen met de werkelijkheid.
De rechtbank oordeelt dat verdachte niet strafbaar is voor het aannemen van betalingen van het failliete bedrijf, omdat niet is gebleken dat dergelijke betalingen hebben plaatsgevonden. Wel wordt bewezen verklaard dat verdachte medepleger is van valsheid in geschrift door het opmaken van valse taxatie- en huurfacturen.
Gelet op het oogmerk van geldelijk gewin en de ernst van het feit, legt de rechtbank een geldboete op van €4.000, waarvan €2.000 voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar. Hierbij is rekening gehouden met een overschrijding van de redelijke termijn van ongeveer 4,5 jaar, waardoor het voorwaardelijke deel is vastgesteld. Verdachte wordt vrijgesproken van de overige tenlastegelegde feiten.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een geldboete van €4.000, waarvan €2.000 voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar wegens medeplegen van valsheid in geschrift.