ECLI:NL:RBBRE:2011:BU9934
Rechtbank Breda
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot ontruiming woonruimte wegens onvoldoende bewijs opzegging en gevaarzetting
Vieya Wooncorporatie vordert in kort geding de ontruiming van een woning die door [gedaagde] wordt gehuurd, met als primaire grondslag dat de huurder de huurovereenkomst rechtsgeldig heeft opgezegd. Subsidiair beroept zij zich op gevaarzetting voor medebewoners vanwege meerdere incidenten waarbij de huurder onder invloed van alcohol en medicijnen brandgevaarlijke situaties veroorzaakte.
De huurder betwist de rechtsgeldigheid van de opzegging en stelt dat hij onder druk heeft getekend zonder de gevolgen te begrijpen. Hij erkent enkele incidenten, maar stelt dat hij sindsdien zijn gedrag heeft aangepast en geen gevaarlijke situaties meer heeft veroorzaakt. De kantonrechter stelt dat instemming met beëindiging van de huurovereenkomst ondubbelzinnig moet blijken en dat de verhuurder een verzwaarde onderzoeksplicht heeft, zeker gezien de beperkte taalvaardigheid van de huurder.
De kantonrechter oordeelt dat niet is komen vast te staan dat de huurder de opzegging volledig begreep en dat de verhuurder haar onderzoeksplicht heeft nageleefd. Ook acht hij de gevaarzetting niet zodanig acuut dat ontruiming in kort geding gerechtvaardigd is. De vorderingen worden afgewezen en partijen dragen ieder hun eigen proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot ontruiming wordt afgewezen en partijen dragen ieder hun eigen proceskosten.