ECLI:NL:RBBRE:2011:BV0231
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond verklaard wegens onvoldoende bewijs gebruik mobiele telefoon tijdens rijden
Betrokkene werd door de officier van justitie beboet wegens het vasthouden van een mobiele telefoon tijdens het rijden met een personenauto. Betrokkene stelde dat hij op het moment van de overtreding op de fiets zat en niet in de auto had gereden. Ter zitting werd onder ede de vader van betrokkene gehoord, die verklaarde dat betrokkene op dat moment al op de fiets naar de bushalte was vertrokken en dat hijzelf pas na 8.00 uur met de auto vertrok.
Daarnaast werd bewijs aangevoerd in de vorm van een uitdraai van de mobiele telefoon en een verklaring van een rijinstructeur die het rijgedrag van betrokkene bevestigde. De kantonrechter concludeerde op basis van deze verklaringen en het getuigenverhoor dat onvoldoende grond bestaat om aan te nemen dat betrokkene de overtreding heeft begaan.
Daarom werd het beroep gegrond verklaard en de beslissing van de officier van justitie vernietigd. De zekerheidstelling werd aan betrokkene terugbetaald. De procedure verliep in enkelvoudige aanleg bij de kantonrechter te Breda, locatie Bergen op Zoom.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de beslissing van de officier van justitie vernietigd wegens onvoldoende bewijs dat betrokkene de overtreding beging.