ECLI:NL:RBBRE:2011:BV0397
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen sanctie voor gebruik verdrijvingsvlak bij invoegen
Betrokkene kreeg een sanctie opgelegd van €160 wegens het gebruik van een verdrijvingsvlak bij het invoegen op de Gastelseweg te Roosendaal. Betrokkene voerde aan dat zij door een doos met scherpe inhoud op de weg en druk verkeer gedwongen werd het verdrijvingsvlak te gebruiken. Zij stelde dat de verbalisant niet kon zien of zij daadwerkelijk over het verdrijvingsvlak reed.
De officier van justitie handhaafde de sanctie en benadrukte dat de situatie met de doos en het gebruik van het verdrijvingsvlak twee afzonderlijke feiten zijn. De kantonrechter stelde vast dat het bewijs, waaronder het proces-verbaal en het zaakoverzicht, voldoende was om de overtreding te bewijzen. Betrokkene bracht geen specifieke feiten aan die twijfel konden zaaien over de juistheid van de constatering.
De rechtbank oordeelde dat het ontbreken van ruimte om eerder in te voegen voor rekening en risico van betrokkene komt. Zij had rekening moeten houden met de verkeerssituatie en tijdig moeten invoegen. De aanwezigheid van de doos op de weg deed niets af aan de overtreding. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van betrokkene tegen de sanctie voor het gebruik van een verdrijvingsvlak wordt ongegrond verklaard.