ECLI:NL:RBBRE:2011:BV0685
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vermindering WOZ-waarde nieuwbouwwoning wegens gebreken ondanks garantie
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de vastgestelde WOZ-waarde van zijn nieuwbouwwoning, die was vastgesteld op €488.000. De heffingsambtenaar had deze waarde gehandhaafd en verwees naar een taxatierapport en vergelijkbare verkochte objecten ter onderbouwing.
Belanghebbende stelde dat er drie gebreken waren aan de woning: scheurvorming in de garagegevel, schimmel bij dakspanten en loslatend keimwerk. Deze gebreken waren erkend door de aannemer en zouden hersteld of vergoed worden, maar dat was nog niet gebeurd. De heffingsambtenaar voerde aan dat de woning onder garantie was gebouwd en dat aanspraken op de aannemer geen invloed hebben op de WOZ-waarde.
De rechtbank oordeelde dat de WOZ-waarde moet worden vastgesteld naar de staat van de woning op de waardepeildatum, inclusief aanwezige gebreken, ongeacht aanspraken op derden. Daarom was het onjuist dat de heffingsambtenaar geen rekening hield met de gebreken. De rechtbank stelde een aftrekpost van €20.000 vast, waardoor de waarde werd verminderd tot €468.000. De aanslag onroerendezaakbelasting werd dienovereenkomstig verlaagd en het betaalde griffierecht werd aan belanghebbende vergoed.
Uitkomst: De WOZ-waarde van de nieuwbouwwoning wordt verminderd tot €468.000 wegens aanwezige gebreken.