ECLI:NL:RBBRE:2011:BV1093
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vergoeding taxatierapport na bezwaar tegen WOZ-beschikking
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de WOZ-waarde van zijn woning, waarbij de heffingsambtenaar de waarde aanvankelijk op €492.000 stelde en na bezwaar verlaagde tot €466.000. De heffingsambtenaar kende een beperkte proceskostenvergoeding toe, maar belanghebbende vorderde een hogere vergoeding, inclusief de kosten van een taxatierapport.
De rechtbank oordeelde dat het bezwaar inhoudelijk gemotiveerd was en dat een wegingsfactor van 1 voor de proceskostenvergoeding passend is, in tegenstelling tot de door de heffingsambtenaar gehanteerde 0,5. Tevens stelde de rechtbank vast dat de gemeentelijke taxateur eerst contact had moeten opnemen met de gemachtigde van belanghebbende, conform het zorgvuldigheidsbeginsel, voordat een opname van de woning werd gepland.
Omdat de taxateur op korte termijn wilde opnemen en geen contact met de gemachtigde had gezocht, was het terecht dat belanghebbende de toegang tot de woning weigerde. Hierdoor was het noodzakelijk dat belanghebbende zelf een taxatierapport liet opstellen, waarvan de kosten redelijk en aannemelijk waren. Daarnaast werden kosten voor een uittreksel van het Kadaster toegekend.
De rechtbank veroordeelde de heffingsambtenaar tot vergoeding van de totale kosten van €604,70 voor de bezwaarfase en daarnaast proceskosten van €218,50 voor de beroepsfase, in totaal €824. Tevens werd het griffierecht van €41 vergoed. De uitspraak werd gedaan door rechter Beukers-van Dooren op 9 december 2011.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de heffingsambtenaar tot vergoeding van de kosten van het taxatierapport en proceskosten van belanghebbende.