ECLI:NL:RBBRE:2012:5481
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toestemming voor tussentijds hoger beroep inzake onderscheid parkkosten leden en niet-leden
In deze civiele procedure bij de Rechtbank Breda heeft eiseres in conventie, tevens verweerster in reconventie, verlof gevraagd om hoger beroep in te stellen tegen een tussenvonnis van 18 juli 2012. Dit tussenvonnis bevatte een overweging dat bij de berekening van de in rekening te brengen parkkosten onderscheid moet worden gemaakt tussen leden en niet-leden van de vereniging.
De kantonrechter heeft overwogen dat de gevraagde nadere onderbouwing van de parkkosten voor niet-leden over de jaren 2009 tot en met 2011 overbodig is indien geen onderscheid gemaakt hoeft te worden tussen leden en niet-leden. Gezien het principiële karakter van het geschil en redenen van doelmatigheid acht de kantonrechter het passend om het verlof tot tussentijds hoger beroep te verlenen.
De zaak is verwezen naar de rol van 24 april 2013 voor het indienen van een akte door eiseres in conventie, verweerster in reconventie. Het vonnis is gewezen door kantonrechter H. de Ruijter en in het openbaar uitgesproken op 29 augustus 2012.
Uitkomst: Verlof verleend voor tussentijds hoger beroep tegen het tussenvonnis over onderscheid parkkosten leden en niet-leden.