ECLI:NL:RBBRE:2012:BV5603

Rechtbank Breda

Datum uitspraak
13 februari 2012
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
697833 ov 12-15
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 4:209 BW
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Opheffing van de vereffening van nalatenschap wegens geringe baten zonder verplichte publicatie

De kantonrechter van de rechtbank Breda heeft op 13 februari 2012 een beschikking gegeven over een verzoek tot opheffing van de vereffening van de nalatenschap van Johanna Bakkers, overleden op 2 juni 2011. De verzoekers zijn erfgenamen en tevens vereffenaars van de beneficiair aanvaarde nalatenschap. Zij vroegen opheffing van de vereffening op grond van artikel 4:209 BW Pro vanwege de geringe waarde van de baten ten opzichte van de schulden.

De kantonrechter stelde vast dat de baten van de nalatenschap zo gering zijn dat opheffing van de vereffening gerechtvaardigd is. Hoewel de wet voorschrijft dat de opheffing gepubliceerd moet worden in de Staatscourant en in twee nieuwsbladen, oordeelde de rechter dat dit vanwege de hoge kosten en het geringe belang niet noodzakelijk is. In plaats daarvan volstaat bekendmaking via internet op rechtspraak.nl, wat een even goede of zelfs betere mogelijkheid biedt om belanghebbenden te informeren.

De reeds gemaakte vereffeningskosten werden vastgesteld op nihil. De griffier werd opgedragen de opheffing in het boedelregister in te schrijven. Het verzoek tot meer of anders werd afgewezen. Tegen deze beschikking kan binnen drie maanden hoger beroep worden ingesteld door verzoekers en belanghebbenden.

Deze uitspraak weerspiegelt een moderne benadering van publicatieverplichtingen bij nalatenschappen met geringe baten, waarbij digitale bekendmaking wordt erkend als passend alternatief voor traditionele media.

Uitkomst: De vereffening van de nalatenschap wordt opgeheven en de wettelijke publicatieplicht wordt vervangen door bekendmaking via internet.

Uitspraak

RECHTBANK BREDA
team kanton Bergen op Zoom
zaak/rolnr.: 697833 OV VERZ 12-15
beschikking d.d. 13 februari 2012 op een verzoek tot opheffing ex artikel 4:209 van Pro het Burgerlijk Wetboek (BW)
ingediend door:
1. Adrianus Johannes de Jong, wonende te 4731 KK Oudenbosch, Beatrixlaan 6,
2. Johannes Adrianus de Jong, wonende te 4711 LE Sint Willebrord, Sperwerdonk 2,
3. Anna Maria Johanna de Jong, wonende te 4714 BN Sprundel, Binnenhof 21,
in de nalatenschap van:
Johanna Bakkers
laatstelijk gewoond hebbende te 4711 DZ Sint Willebrord, Smidshof 2,
overleden te Rucphen op 2 juni 2011,
nader te noemen erflater.
Het verzoekschrift is ingediend door tussenkomst van mr. M.F.G. Hoedeman, werkzaam bij Van Gogh notarissen te 4710 AC Sint Willebrord, postbus 104.
1. Het verloop van het geding
De procesgang blijkt uit het op 2 januari 2012 ter griffie ontvangen verzoekschrift, met bijlagen.
2. Het verzoek
2.1 Verzoekers, erfgenamen van erflater, zijn vereffenaar van de beneficiair aanvaarde nalatenschap van erflater en verzoeken op grond van het bepaalde in artikel 4:209 BW Pro opheffing van de vereffening, vanwege de geringe waarde van de baten van de nalatenschap.
2.2 Ter onderbouwing van het verzoek is een vermogensbeschrijving overgelegd.
2.3 Verzoekers hebben afgezien van verhoor door de kantonrechter.
3. De beoordeling
3.1 De kantonrechter is van oordeel dat voldoende is komen vast te staan dat de waarde van
de baten van de nalatenschap zodanig gering is, dat er - gelet op de waarde van de schulden -
aanleiding is om de opheffing van de vereffening te bevelen.
3.2 De wet bepaalt dat deze opheffing dient te worden gepubliceerd. Nu er vrijwel geen baten zijn, wordt geoordeeld dat het in niemands belang is om daarvoor nog kosten te maken. Omdat de nalatenschap beneficiair aanvaard is zouden de kosten van publicatie voor rekening van het budget voor de rechtspraak komen, dus voor rekening van de Staat. Nu geen publicatie heeft plaatsgevonden van het vereffenaarschap en er ook verder geen dwingende noodzaak bestaat voor de -kostbare- wettelijk voorgeschreven wijze van bekendmaking (publicatie in de Staatscourant en advertentie in twee nieuwsbladen), zal deze niet worden voorgeschreven. De belanghebbenden kunnen immers ook op een andere wijze, namelijk via internet, worden geïnformeerd, hetgeen iedere belanghebbende een even goede, wellicht betere, mogelijkheid geeft om de financiële situatie van de nalatenschap te kunnen inzien. Dit brengt ook geen nieuwe kosten met zich mee. De bekendmaking van de beschikking zal plaatsvinden op rechtspraak.nl/uitspraken. Deze wijze van bekendmaking komt in de huidige tijd met internet beter tegemoet aan de bedoeling van de wetgever, dan met de publicatiemiddelen uit de tijd waarin het huidige erfrecht werd ontworpen, toen de toegang tot internet nog niet algemeen was. Verzoekers zullen daarom worden ontheven van de wettelijke publicatieplicht.
3.3 De reeds gemaakte vereffeningskosten worden vastgesteld op nihil.
3.4 De griffier zal zorg dragen voor inschrijving van de opheffing van de vereffening in het boedelregister.
4. De beslissing
De kantonrechter:
- beveelt de opheffing van de vereffening van de nalatenschap van erflater;
- stelt de reeds gemaakte vereffeningskosten vast op NIHIL;
- verstaat dat deze beschikking bekend gemaakt zal worden door plaatsing op rechtspraak.nl/uitspraken;
- wijst af hetgeen meer of anders is verzocht.
Deze beschikking is gegeven door mr. R.J.H. Goossens, en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 13 februari 2012, in tegenwoordigheid van de griffier.
Tegen deze beschikking kan hoger beroep worden ingesteld:
door de verzoeker en degenen aan wie een afschrift van deze beschikking is verstrekt of verzonden: binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
door andere belanghebbenden: binnen drie maanden na de betekening van de beschikking of nadat deze hun op andere wijze bekend is geworden.
Het beroepschrift moet door tussenkomst van een advocaat worden ingediend bij het gerechtshof te 's Hertogenbosch.