ECLI:NL:RBBRE:2012:BV6669
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vermindering WOZ-waarde bedrijfspand wegens onvoldoende bewijslast heffingsambtenaar
Belanghebbende B.V. maakte bezwaar tegen de WOZ-beschikking en de aanslagen onroerende-zaakbelastingen 2011 voor een bedrijfsobject te Dongen, waarvan de waarde was vastgesteld op € 3.361.000. De heffingsambtenaar handhaafde deze waarde in de uitspraken op bezwaar.
De rechtbank hield een zitting waarbij de gemachtigde van belanghebbende aanwezig was, maar de heffingsambtenaar niet. De rechtbank oordeelde dat de uitnodiging correct was verzonden en dat het verzoek tot uitstel van de heffingsambtenaar ongegrond was. De bewijslast voor de juiste WOZ-waarde lag bij de heffingsambtenaar, die de waarde had bepaald met de huurwaardekapitalisatiemethode.
De rechtbank vond het taxatierapport van belanghebbende, ondanks een latere waardepeildatum, deels bruikbaar en concludeerde dat de heffingsambtenaar niet had voldaan aan zijn bewijslast. De rechtbank paste het stappenplan van de Taxatiewijzer toe en kwam tot een waarde van € 2.277.652, waarmee ook de aanslagen werden verminderd.
De heffingsambtenaar werd veroordeeld in de proceskosten van belanghebbende en moest het griffierecht vergoeden. De uitspraak werd op 25 januari 2012 gedaan en in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De WOZ-waarde en aanslagen onroerende-zaakbelastingen 2011 worden verminderd tot € 2.277.652 wegens onvoldoende bewijslast van de heffingsambtenaar.