ECLI:NL:RBBRE:2012:BV8015
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Poerink
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid bij paardongeval door onvoldoende beveiligde mobiele hindernis in cross country wedstrijd
Eiser nam deel aan een eventingwedstrijd georganiseerd door gedaagde sub 1 onder auspiciën van gedaagde sub 2, waarbij het paard ernstig gewond raakte na een val bij een mobiele hindernis die niet voldoende was verankerd. De hindernis kantelde bij de botsing, waardoor het paard niet veilig kon landen en ter plaatse moest worden geëuthanaseerd.
De rechtbank stelde vast dat de hindernis niet voldeed aan de redelijke veiligheidseisen, aangezien zij niet stevig was verankerd ondanks voorschriften die dit aanbevelen om kanteling te voorkomen. De organisator en parcoursbouwer zijn aansprakelijk, terwijl de KNHS geen directe bemoeienis had en daarom niet aansprakelijk is.
Eiser had ingestemd met een exoneratieclausule, maar de rechtbank oordeelde dat deze niet op gedaagden van toepassing is vanwege de verzekerbaarheid van het risico en het ontbreken van grove schuld of opzet. Het eigen schuld-verweer van gedaagden faalt, mede gezien de aard van de sport en het gedrag van het paard.
De rechtbank liet gedaagden toe bewijs te leveren dat de schade ook bij naleving van veiligheidsmaatregelen zou zijn ontstaan en bepaalde een vervolgzitting voor bewijslevering. De zaak wordt aangehouden voor verdere beslissing.
Uitkomst: De organisator en parcoursbouwer zijn aansprakelijk voor het ongeval door onvoldoende beveiligde hindernis; de KNHS niet aansprakelijk; bewijslevering over causaal verband wordt toegestaan.