ECLI:NL:RBBRE:2012:BW0113
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging aanslag recht van overgang wegens onjuiste tenaamstelling
Op 23 februari 2012 heeft de rechtbank Breda uitspraak gedaan in een bestuursrechtelijke zaak over een aanslag recht van overgang. De aanslag was onjuist op naam van belanghebbende gesteld, terwijl de moeder van belanghebbende de enige erfgename was. De moeder was gemachtigd om bezwaar en beroep aan te tekenen.
De rechtbank oordeelde dat de tenaamstelling van de aanslag een essentieel onderdeel is en dat een onjuiste tenaamstelling in principe niet kan leiden tot een belastingverplichting. In deze zaak was de aanslag gezonden naar het adres van belanghebbende, die niets had verkregen uit de nalatenschap, waardoor de aanslag vernietigd moest worden.
Daarnaast overwoog de rechtbank dat er geen sprake was van een gemeenschappelijke huishouding van meer dan vijf jaar tussen de moeder en de erflater, zodat de moeder niet kwalificeerde als verkrijger in de zin van de Successiewet 1956.
De inspecteur werd veroordeeld in de proceskosten van belanghebbende en moest het betaalde griffierecht vergoeden. Het beroep werd gegrond verklaard en de aanslag vernietigd.
Uitkomst: De aanslag recht van overgang wordt vernietigd wegens onjuiste tenaamstelling en de inspecteur wordt veroordeeld in proceskosten.