ECLI:NL:RBBRE:2012:BW7046
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Aangifteplicht en ambtshalve aanslag vennootschapsbelasting voor in Nederland opgerichte BV met Belgisch domicilie
De rechtbank Breda behandelde het beroep van een naar Nederlands recht opgerichte BV die haar domicilie in België had gekozen, tegen een ambtshalve opgelegde aanslag vennootschapsbelasting over 2006. De inspecteur had de aanslag vastgesteld omdat de vereiste elektronische aangifte niet was ingediend, ondanks meerdere aanmaningen en uitstel.
Belanghebbende stelde dat zij niet in Nederland gevestigd was en dat zij voldeed aan haar aangifteplicht door het indienen van jaarstukken. De rechtbank oordeelde dat de BV geacht wordt in Nederland gevestigd te zijn omdat zij naar Nederlands recht is opgericht, en dat de inspecteur daarom terecht een aangiftebiljet heeft verzonden. De stelling dat de jaarstukken als aangifte konden dienen, werd niet aannemelijk geacht.
De rechtbank stelde vast dat belanghebbende geen elektronische aangifte had gedaan en dat de inspecteur de aanslag naar redelijkheid had vastgesteld, mede op basis van een boekenonderzoek. De opgelegde boete wegens verzuim werd passend geacht. Ondanks een overschrijding van de redelijke termijn voor berechting, werd het beroep ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende tegen de ambtshalve vastgestelde aanslag vennootschapsbelasting en boete wordt ongegrond verklaard.