ECLI:NL:RBBRE:2012:BW7296
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling conserverende aanslag pensioen bij emigratie naar Duitsland
Belanghebbende emigreerde in 2005 naar Duitsland en bouwde in Nederland een publiekrechtelijk pensioen op bij het ABP. De inspecteur legde een conserverende aanslag op over de waarde van de pensioenaanspraken tot het moment van emigratie, vastgesteld op €347.921, met een gelijktijdige beschikking revisierente.
Belanghebbende betwistte de aanslag omdat afkoop van het pensioen volgens de regelgeving niet is toegestaan en stelde dat de aanslag een fictief bedrag betreft zonder feitelijke gevolgen. De rechtbank oordeelde dat de aanslag in overeenstemming is met nationale en internationale regelgeving, waarbij de situatie van niet-afkoopbare pensioenrechten expliciet is meegenomen bij de totstandkoming van de wetgeving.
Daarnaast stelde belanghebbende dat een deel van de pensioenaanspraken aan zijn ex-echtgenote was toegekend, maar kon dit niet aantonen. De rechtbank bevestigde dat de aanslag terecht is gebaseerd op het volledige pensioenbedrag. Verder is het uitstel van betaling automatisch verleend voor tien jaar zonder zekerheid, en wordt de aanslag kwijtgescholden na deze periode, waardoor geen afschrikwekkende werking of belemmering bestaat.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en zag geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de conserverende aanslag en de beschikking revisierente wordt ongegrond verklaard.