ECLI:NL:RBBRE:2012:BW8804
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Geen dienstbetrekking tussen saunaclub en prostituees voor loonbelasting
Belanghebbende exploiteert een saunaclub waar vrouwelijke bezoekers, veelal prostituees, tegen betaling seksuele diensten aanbieden. De inspecteur stelde dat deze prostituees in dienstbetrekking stonden tot belanghebbende en legde naheffingsaanslagen loonbelasting en heffingsrente op.
De rechtbank beoordeelde of sprake was van een privaatrechtelijke dienstbetrekking volgens artikel 7:610 BW Pro, waarbij drie elementen gelden: gezagsverhouding, persoonlijke arbeid gedurende zekere tijd en loonbetaling door de werkgever. De rechtbank concludeerde dat geen van deze voorwaarden was voldaan. De prostituees bepaalden zelf hun werktijden, waren vrij om klanten te weigeren, en werden rechtstreeks door klanten betaald.
De inspecteur stelde dat huisregels en richtprijzen duidden op een gezagsverhouding, maar de rechtbank vond dat deze niet zodanig sturend waren dat sprake was van een werkgever-werknemer relatie. De naheffingsaanslagen en heffingsrente werden daarom vernietigd. Proceskosten werden deels aan belanghebbende toegekend.
De uitspraak bevestigt dat zelfstandige prostituees in een dergelijke exploitatievorm niet automatisch als werknemers worden aangemerkt voor loonbelastingdoeleinden.
Uitkomst: De rechtbank oordeelt dat geen dienstbetrekking bestaat tussen de saunaclub en de prostituees en vernietigt de naheffingsaanslagen loonbelasting en heffingsrente.