ECLI:NL:RBBRE:2012:BX8503
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling ambtshalve aanslag inkomstenbelasting 2008 en verzoek toevoeging raadsman
Belanghebbende, veroordeeld voor hennepteelt en witwassen, maakte bezwaar tegen een ambtshalve aanslag inkomstenbelasting 2008 gebaseerd op een geschat inkomen van €150.694. Hij verzocht om gesubsidieerde rechtsbijstand, maar dit werd afgewezen vanwege het hoge inkomen. De rechtbank oordeelde dat het verdedigingsrecht niet was geschonden en dat de inspecteur niet verplicht was de bezwaarprocedure op te schorten.
De rechtbank stelde vast dat belanghebbende geen juiste aangifte had gedaan en dat de inspecteur de navorderingsaanslag baseerde op een redelijke schatting van contante inkomsten en uitgaven, die ook werd bevestigd door strafrechtelijke vaststellingen. De bewering van belanghebbende dat ontvangen bedragen geldleningen waren, werd niet geloofd.
De rechtbank verwierp het beroep en concludeerde dat de heffingsrente correct was berekend. Tevens werd geoordeeld dat de belastingrechter niet bevoegd was om te oordelen over het bezwaar tegen de afwijzing van de toevoeging door de Raad voor Rechtsbijstand. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de ambtshalve aanslag inkomstenbelasting 2008 wordt ongegrond verklaard.