ECLI:NL:RBBRE:2012:BX9058
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geen aftrek eigen woning bij verkoop vruchtgebruik aan eigen vennootschap
Belanghebbende en zijn echtgenote kochten een woning in België en verkochten het zakelijk recht van vruchtgebruik voor 20 jaar aan de Belgische vennootschap van belanghebbende. De vraag was of de woning als eigen woning in de zin van artikel 3.111 Wet IB 2001 kon worden aangemerkt, zodat aftrek van de eigen woning mogelijk was.
De rechtbank concludeert dat de onroerende zaak geen eigen woning is omdat de BVBA het vruchtgebruik heeft en de kosten en lasten grotendeels door de BVBA worden gedragen. De bewoning door belanghebbende wordt slechts gedoogd en niet op grond van eigendom of economisch eigendom. Hierdoor is de aftrek van rentekosten niet gerechtvaardigd.
Belanghebbende voerde aan dat het vertrouwens- en gelijkheidsbeginsel werd geschonden omdat bij zijn ex-echtgenote de aftrek wel werd geaccepteerd. De rechtbank oordeelt dat hiervoor geen sprake is van een toezegging of begunstigend beleid. Ook is de informatie-uitwisseling met België rechtmatig verlopen onder het mandaat van de Staatssecretaris van Financiën. Het beroep wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de aftrek eigen woning wordt gecorrigeerd omdat geen sprake is van een eigen woning in de zin van de Wet IB 2001.