ECLI:NL:RBBRE:2012:BX9317
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet-ontvankelijkheid verzoek dwangsom wegens niet tijdig beslissen afgewezen
Belanghebbende verzocht de inspecteur om een schadevergoeding van €3.000.000 en een voorlopige schikking. Tevens vroeg hij een dwangsom toe te kennen wegens het niet tijdig beslissen op dit verzoek. De inspecteur verklaarde het verzoek om dwangsom niet-ontvankelijk. Belanghebbende maakte bezwaar tegen deze beslissing, dat eveneens niet-ontvankelijk werd verklaard.
De rechtbank oordeelt dat de beslissing op het verzoek om schadevergoeding geen besluit is als bedoeld in artikel 1:3 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Dit volgt uit vaste jurisprudentie dat een zuiver schadebesluit alleen aan de bestuursrechter kan worden voorgelegd indien ook tegen de schadeveroorzakende publiekrechtelijke bevoegdheid beroep openstaat (materiële connexiteit). Omdat tegen de onderliggende bevoegdheid geen beroep mogelijk is, is het verzoek om schadevergoeding geen Awb-besluit.
Daarmee is artikel 4:17 Awb Pro, dat de mogelijkheid tot dwangsom regelt bij niet tijdig beslissen op een besluit, niet van toepassing. De inspecteur heeft het verzoek om dwangsom terecht niet-ontvankelijk verklaard. Het beroep wordt daarom kennelijk ongegrond verklaard. De rechtbank ziet geen aanleiding tot proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep wordt kennelijk ongegrond verklaard omdat de beslissing op het verzoek om schadevergoeding geen Awb-besluit is en het verzoek om dwangsom terecht niet-ontvankelijk is verklaard.