ECLI:NL:RBBRE:2012:BY0195
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- Alferink
- Pellikaan
- Schotanus
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens volledige ontoerekeningsvatbaarheid bij moord met voorbedachten rade
Op 4 april 2012 heeft verdachte in Tilburg het slachtoffer meermalen met een mes gestoken, wat leidde tot het overlijden van het slachtoffer. De rechtbank achtte wettig en overtuigend bewezen dat sprake was van moord met voorbedachten rade, ondanks het psychiatrische ziektebeeld van verdachte.
Psycholoog en psychiater stelden vast dat verdachte leed aan een ernstige schizo-affectieve bipolaire stoornis met rapid cycling en manische psychose, waardoor verdachte volledig ontoerekeningsvatbaar was ten tijde van het delict. Zowel de officier van justitie als de verdediging onderschreven dit advies.
De rechtbank sprak verdachte vrij van straf vanwege volledige ontoerekeningsvatbaarheid en legde de maatregel van terbeschikkingstelling met dwangverpleging op, gelet op het ernstige delict, het hoge recidiverisico en het gevaar voor de samenleving.
De nabestaanden werden niet-ontvankelijk verklaard in hun vorderingen tot schadevergoeding, omdat immateriële en materiële schade in dit strafproces niet vergoed kunnen worden en verwezen werden naar de burgerlijke rechter.
De rechtbank nam tevens kennis van de schriftelijke slachtofferverklaring waarin het grote leed en verdriet van de familie werd benadrukt.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens volledige ontoerekeningsvatbaarheid en terbeschikkingstelling met dwangverpleging opgelegd.