ECLI:NL:RBBRE:2012:BY1467
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- De Weert
- Kok
- Van Gessel
- Rechtspraak.nl
Beslissing tot omzetting van voorwaardelijke TBS naar TBS met dwangverpleging wegens onvoldoende therapietrouw en veiligheidsrisico
De rechtbank Breda heeft op 18 oktober 2012 besloten tot omzetting van de voorwaardelijke terbeschikkingstelling (TBS) naar een TBS met dwangverpleging. Dit volgde op een vordering van de officier van justitie, gesteund door het advies van Novadic-Kentron, vanwege de onvoldoende medewerking van de TBS-gestelde aan zijn behandeling en de geconstateerde verslavingsproblematiek.
De TBS-gestelde had meerdere officiële waarschuwingen ontvangen wegens onder meer het gebruik van alcohol, softdrugs en cocaïne, het zich onttrekken aan toezicht en het weigeren van urinecontroles. De verslavingsproblematiek bleek ernstiger dan aanvankelijk gedacht, en de behandelaars concludeerden dat verdere behandeling binnen de huidige setting niet haalbaar was. De TBS-gestelde zelf gaf aan niet meer te willen meewerken en liever terug te keren naar detentie.
De officier van justitie stelde dat de veiligheid van anderen en de maatschappij de omzetting naar dwangverpleging rechtvaardigen. De verdediging voerde aan dat de overtredingen onvoldoende zijn voor een dergelijke maatregel en dat de TBS met dwangverpleging een ultimum remedium is. De rechtbank oordeelde dat de feiten waarop de TBS is gebaseerd ernstige geweldsdelicten betreffen die de onaantastbaarheid van het lichaam van personen raken, en dat de totale duur van de maatregel vier jaar kan overschrijden.
Op grond van het arrest van het gerechtshof Arnhem moet de rechtbank zich uitlaten over de gemaximeerde duur van de TBS. Gezien de omstandigheden en het advies van de reclassering beveelt de rechtbank dat de TBS-gestelde alsnog van overheidswege wordt verpleegd.
Uitkomst: De rechtbank beveelt omzetting van de voorwaardelijke TBS naar een TBS met dwangverpleging wegens onvoldoende therapietrouw en verhoogd veiligheidsrisico.