ECLI:NL:RBBRE:2012:BY6501
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Poerink
- Hermans
- Van de Wetering
- Rechtspraak.nl
Afwijzing hoger beroep crediteur tegen onderzoek en vernietiging derdenpandrecht in faillissement Zalco
De naamloze vennootschap NB stelde dat het door Glencore gevestigde derdenpandrecht op de aluminiumvoorraad van failliete Zalco paulianeus was en verzocht de rechter-commissaris de curatoren te bevelen nader onderzoek te doen en het pandrecht te vernietigen. De curatoren erkenden het pandrecht in een vaststellingsovereenkomst met Glencore, waarbij zij stelden dat dit in het belang van de boedel was om opbrengsten te genereren en de onderneming efficiënt te vereffenen.
NB stelde in hoger beroep dat de curatoren onvoldoende onderzoek hadden gedaan naar de rechtmatigheid van het pandrecht en dat zij het pandrecht niet hadden mogen erkennen. De rechtbank oordeelde echter dat NB ontvankelijk was in haar beroep, maar dat de curatoren hun taak niet naar behoren hadden vervuld door onvoldoende onderzoek te doen. Desondanks kon de erkenning van het pandrecht niet worden teruggedraaid vanwege de vaststellingsovereenkomst.
De rechtbank concludeerde dat het sluiten van de overeenkomst met Glencore een goed beheer van de boedel vormde en dat het belang van de boedel bij het treffen van deze regeling zwaarder woog dan het risico van een mogelijk paulianeus pandrecht. Daarom wees de rechtbank het verzoek van NB af en veroordeelde haar in de proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep van NB wordt afgewezen en het verzoek tot nader onderzoek en vernietiging van het derdenpandrecht wordt niet toegewezen.