ECLI:NL:RBBRE:2012:BY8460
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling waardering van grond op begraafplaats voor WOZ 2011
Belanghebbende, eigenaar van een onroerende zaak gelegen op een begraafplaats, betwist de door de heffingsambtenaar vastgestelde WOZ-waarde van de grond van 5.100 m2 per 1 januari 2010. De heffingsambtenaar heeft de waarde vastgesteld op € 1.850.000, waarbij rekening is gehouden met de specifieke bestemming van de grond waarop niet mag worden gebouwd.
De rechtbank stelt vast dat de heffingsambtenaar aannemelijk heeft gemaakt dat de waarde niet te hoog is vastgesteld. De toegepaste waarderingsmethode is de vervangingswaarde, waarbij de prijs per m2 is gebaseerd op de uitgifteprijs van vergelijkbare grond binnen de gemeente. De rechtbank acht de verklaringen van de heffingsambtenaar geloofwaardig, waaronder een toeslag voor parkeerplaatsen en ondergrond van gebouwen.
Belanghebbende heeft gewezen op een openbare aanbesteding van grond in 2012 en de bijzondere ligging midden op een begraafplaats, maar deze argumenten worden verworpen omdat de aanbesteding te ver van de waardepeildatum ligt en de bestemming reeds is meegenomen in de waardering. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en ziet geen aanleiding tot proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende tegen de WOZ-waardering van de grond op de begraafplaats wordt ongegrond verklaard.