ECLI:NL:RBDHA:2013:11919
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Opheffing voorlopige voorziening inzake medische zorg vreemdelingen in Guinee
Verzoekers, twee personen van Guinese nationaliteit, hadden een voorlopige voorziening gevraagd om hun medische verzorging in Conakry daadwerkelijk te realiseren. De voorzieningenrechter had op 16 augustus 2013 een ordemaatregel getroffen die verzoekers toestond zich te laten behandelen in een Nederlandse kliniek, omdat er twijfels waren over de toegankelijkheid van de lokale Guinese kliniek.
Na een bezoek van verweerder aan Guinee en nadere stukken bleek dat de kliniek in Guinee bereid en in staat is de benodigde medische zorg te bieden. Tevens waren afspraken gemaakt tussen verweerder en de Guinese kliniek over vergoeding van de medische kosten gedurende drie maanden na uitzetting.
Gezien het ontbreken van zwaarwegende bezwaren van verzoekers tegen behandeling in de Guinese kliniek en de toezeggingen van verweerder, besloot de voorzieningenrechter de eerdere ordemaatregel op te heffen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd en tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: De voorzieningenrechter heft de eerdere voorlopige voorziening op omdat de medische zorg in Guinee adequaat is en afspraken over vergoeding zijn gemaakt.