De minderjarige, geboren in 1996, verblijft sinds een maand in een accommodatie voor gesloten jeugdzorg vanwege ernstige opgroei- en opvoedingsproblemen. De Raad voor de Kinderbescherming en Bureau Jeugdzorg vroegen om ondertoezichtstelling en machtiging tot gesloten opname voor een jaar, gezien de problematiek en veiligheid.
De ouders staan open voor hulp en accepteren tijdelijke uithuisplaatsing, maar vinden een jaar te lang. De minderjarige en haar advocaat pleiten voor een minder ingrijpende maatregel en benadrukken het recht op identiteit en geloofsovertuiging, waarbij radicalisering niet bewezen is.
De kinderrechter oordeelt dat de gronden voor ondertoezichtstelling aanwezig zijn en dat gesloten opname noodzakelijk is om de minderjarige te beschermen tegen zichzelf en haar veiligheid te waarborgen. De machtiging wordt verleend voor zes maanden, met de verplichting tot nader onderzoek en een nieuwe gedragswetenschappelijke verklaring, waarna verdere besluitvorming volgt.