ECLI:NL:RBDHA:2013:14709
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A.W. Ente
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens onvoldoende geloofwaardige vrees voor vervolging als PKK-lid
Eiser, een Turkse nationaliteit dragende man, vroeg asiel aan in Nederland met het argument dat hij als minderjarige onvrijwillig lid was geworden van de PKK en daarvoor in Turkije was veroordeeld tot een gevangenisstraf. Hij stelde dat hij vreesde voor vervolging en onmenselijke behandeling bij terugkeer.
De staatssecretaris wees de aanvraag af omdat eiser onvoldoende geloofwaardige documenten kon overleggen over zijn reizen en zijn verhaal over gedwongen lidmaatschap en ontsnapping uit het PKK-kamp niet aannemelijk was. De rechtbank bevestigde dat de verklaringen van eiser niet voldeden aan het vereiste van positieve overtuigingskracht.
Verder oordeelde de rechtbank dat de opgelegde straf niet excessief of discriminerend was en dat er geen aanwijzingen waren voor marteling of onmenselijke behandeling in detentie. Ook was onvoldoende aannemelijk dat eiser een reëel risico liep op schending van artikel 3 EVRM Pro.
Daarom werd het beroep ongegrond verklaard en de asielaanvraag definitief afgewezen.
Uitkomst: De rechtbank wijst het beroep af en bevestigt de afwijzing van de asielaanvraag wegens onvoldoende aannemelijke vrees voor vervolging en onmenselijke behandeling.