ECLI:NL:RBDHA:2013:14894
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A.W. Ente
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielverzoek wegens ongeloofwaardige bekering en lidmaatschap Poro-genootschap
Eiser, een Nigeriaanse asielzoeker, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel. Hij stelde dat hij vanwege zijn bekering tot het christendom en zijn lidmaatschap van het Poro-genootschap in Nigeria gevaar liep. De staatssecretaris wees de aanvraag af omdat eiser zich niet onverwijld had gemeld, geen documenten kon overleggen ter onderbouwing van zijn identiteit en reisroute, en zijn asielrelaas ongeloofwaardig was.
De rechtbank bevestigde dat eiser pas zes dagen na binnenkomst in Nederland een asielaanvraag indiende en geen documenten kon overleggen. Zijn verklaringen over zijn bekering en het Poro-genootschap waren vaag, summier en tegenstrijdig met gezaghebbende bronnen, waaronder een ambtsbericht over Sierra Leone. Eiser kon essentiële vragen over het katholieke geloof niet beantwoorden en onderbouwde zijn stellingen onvoldoende.
De rechtbank oordeelde dat de staatssecretaris terecht van het asielrelaas geen positieve overtuigingskracht kon aannemen. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard. Tevens werd het bezwaar tegen het terugkeerbesluit afgewezen, aangezien de vreemdeling verplicht is Nederland te verlaten na het einde van zijn rechtmatig verblijf.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard vanwege ongeloofwaardige verklaringen en onvoldoende bewijs.