Uitspraak
Rechtbank Den Haag
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.Bewijsoverwegingen
had de verdachte er, gelet op voornoemde bespreking met zijn medeverdachten en de omstandigheid dat medeverdachte [B] geld nodig had, rekening mee moeten houden dat één van zijn medeverdachten geweld zou gebruiken. De verdachte heeft voorts, naar het oordeel van de rechtbank, bij de uitvoering van het plan zelf essentiële handelingen verricht.
4.De strafbaarheid van de feiten
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De straf/maatregel
7.De vordering van de benadeelde partij / de schadevergoedingsmaatregel
€ 2.372,48,te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf het moment dat de schade is ontstaan en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.
€ 593,12.
8.De toepasselijke wetsartikelen
9.De beslissing
1 eerste alternatief/cumulatief:
AFPERSING, TERWIJL HET FEIT WORDT GEPLEEGD DOOR TWEE OF MEER VERENIGDE PERSONEN
1 tweede alternatief/cumulatief:
DIEFSTAL VOORAFGEGAAN EN/OF VERGEZELD EN/OF GEVOLGD VAN GEWELD EN BEDREIGING MET GEWELD TEGEN PERSONEN, GEPLEEGD MET HET OOGMERK OM DIE DIEFSTAL VOOR TE BEREIDEN EN/OF GEMAKKELIJK TE MAKEN EN/OF OM BIJ BETRAPPING OP HETERDAAD AAN ZICHZELF EN/OF ANDERE DEELNEMERS VAN HET MISDRIJF HETZIJ DE VLUCHT MOGELIJK TE MAKEN, HETZIJ HET BEZIT VAN HET GESTOLENE TE VERZEKEREN, TERWIJL HET FEIT WORDT GEPLEEGD DOOR TWEE OF MEER VERENIGDE PERSONEN
2 impliciet subsidiair:
MEDEPLEGEN VAN OPZETTELIJK IEMAND WEDERRECHTELIJK VAN DE VRIJHEID BEROVEN
90 DAGEN, niet zal worden ten uitvoer gelegd, zulks onder de algemene voorwaarde, dat de veroordeelde zich voor het einde van de hierbij op 2 jaren vastgestelde proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
[slachtoffer], een bedrag van
€ 593,12,