Uitspraak
- het verzoekschrift;
- het aanvullend verzoekschrift;
- het verweerschrift, tevens verzoekschrift;
- vaststelling van de verdeling van de huwelijksgemeenschap, conform het voorstel
van de vrouw;
– voor zover nodig – zal worden besproken, met dien verstande dat zij verzoekt het door de man verzochte voortgezet gebruik toe te wijzen, onder de voorwaarden dat:
stalking, intimidatie en bedreiging van haar, haar familie, werkgever en collega’s. Zij verblijft thans reeds negen maanden in een vrouwenopvang op een geheime locatie, omdat zij, hoewel de echtelijke woning leegstaat, daar niet in kan wonen, omdat zij daar wordt geïntimideerd en bedreigd door familie en kennissen van de man. Zij kan ook haar kinderen en vrienden in [plaats] niet bezoeken. De man zit op verdenking van
stalkingen bedreiging van de vrouw thans in voorlopige hechtenis en hem is een contactverbod met de vrouw opgelegd, dat hij echter heeft geschonden, hetgeen tot opheffing van de schorsing van de voorlopige hechtenis heeft geleid. De man is bovendien in mei 2013 veroordeeld voor mishandeling van de vrouw. Het gebrek aan besef bij de man welk een emotionele schade de man toebrengt aan de vrouw is voldoende aanleiding om het verzoek van de man ten behoeve van partneralimentatie af te wijzen, op nihil te stellen of zeer te beperken, aldus de vrouw.
stalking, bedreiging of mishandeling, zodat er tot die tijd geen beroep kan worden gedaan op het verbreken van de lotsverbondenheid.
“De pleger dreigt de slachtoffers –
de vrouw en de meerderjarige zoons van partijen, opmerking rechtbank –iets aan te doen. De slachtoffers zijn erg bang voor de pleger. De slachtoffers hebben aangifte van bedreiging en mishandeling gedaan tegen de pleger. Het slachtoffer
– bedoeld zal zijn: de pleger, opmerking rechtbank –is eerder veroordeeld voor geweldsdelicten.
De pleger is eerder onder psychiatrische behandeling geweest. Verder is er een gebiedsverbod voor de gebieden [plaats] en [plaats]. Deze is opgelegd door het Openbaar Ministerie.
stalkingen bedreiging van de vrouw c.q. in gevangenschap op grond van een veroordeling in mei 2013 tot 130 dagen gevangenisstraf wegens mishandeling van de vrouw. Van deze veroordeling is hoger beroep is ingesteld. Dit betekent niettemin dat er naar het oordeel van de strafkamer van de rechtbank sprake is van voldoende bewijs ten aanzien van de mishandeling en van ernstige bezwaren tegen de man ter zake van de feiten waarvoor hij zich in voorlopige hechtenis bevindt, terwijl er bovendien sprake is van (tenminste) een eerdere veroordeling voor een geweldsdelict. Ook staat vast dat de man in het kader van een vroegere veroordeling reclasseringsbegeleiding heeft gekregen, die er kennelijk niet voldoende toe heeft bijgedragen dat de man zijn gedrag heeft leren aanpassen.
stalking, intimidatie, bedreiging en mishandeling, waardoor haar persoonlijke vrijheid en veiligheid in hoge mate is aangetast. Dat de man daarvoor (nog) niet onherroepelijk strafrechtelijk is veroordeeld, doet daar niet aan af, nu de rechtbank in het kader van de onderhavige – civielrechtelijke – procedure niet gebonden is aan de zwaardere eisen van strafrechtelijk bewijs.
Aangenomen moet worden dat dit gedrag van de man en de gevolgen daarvan ernstige emotionele schade meebrengen voor de vrouw en haar leven thans in hoge mate in negatieve zin beheersen, nu zij daardoor genoodzaakt is in een noodopvang te verblijven. Het beschreven wangedrag van de man brengt daarom naar het oordeel van de rechtbank mee dat van de vrouw thans redelijkerwijze niet kan worden gevergd dat zij van haar reeds betrekkelijk geringe draagkracht – voor zover aanwezig – alimentatie aan de man betaalt. Daarbij neemt de rechtbank in aanmerking dat de vrouw een netto inkomen van ongeveer € 1.870,-- per maand geniet en dat zij thans de gehele hypothecaire last van de echtelijke woning voldoet, terwijl zij daarnaast € 350,-- dient te betalen voor de noodopvang en redelijkerwijze te verwachten is dat zij een hoger bedrag moet betalen als zij een woning kan gaan huren. Verder houdt de rechtbank er rekening mee dat de man thans voormeld invaliditeitspensioen geniet van ongeveer € 990,-- netto per maand, naast de huur van de na te melden garage van € 250,-- per maand, terwijl hij in maart 2014 de pensioengerechtigde leeftijd zal bereiken en dan een AOW-uitkering en pensioen zal ontvangen.
In beginsel dienen de eigenaarslasten in verband met de echtelijke woning (zoals hypotheekrente en onroerendezaaksbelasting) door partijen bij helfte te worden gedragen, nu zij ieder voor de helft eigenaar zijn van de echtelijke woning. Partijen kunnen ter zake echter andersluidende afspraken maken met elkaar en de man heeft betoogd dat dit het geval is. De vrouw heeft dit echter betwist en de man heeft zijn stelling daarop onvoldoende onderbouwd. De rechtbank verwijst daartoe naar haar overwegingen hierna over de verdeling van de overwaarde van de echtelijke woning bij verkoop.
Voorts stelt de man dat hij een vordering heeft op de vrouw ter zake van verrekening van na de peildatum opgenomen gelden van een gezamenlijke bankrekening.
Subsidiair heeft de man gevraagd hem tijd te geven om het huis en de hypotheek op zijn naam te krijgen en de zaak daarvoor aan te houden. Tot nu toe is hij daartoe niet in de gelegenheid geweest, omdat hij zich reeds geruime tijd in voorlopige hechtenis bevindt.
De vrouw heeft geen bezwaar gemaakt tegen overname door de man, indien hij daartoe in staat is.
Met betrekking tot de in de verdeling te betrekken waarde van de woning overweegt de rechtbank het volgende. Volgens de vrouw bedraagt de huidige waarde van het huis € 315.000,--, zijnde de WOZ-waarde per 1 januari 2011. Volgens partijen ter zitting is de woning door een bevriende makelaar getaxeerd op ongeveer € 295.000,--, hetgeen volgens de man te weinig is gezien de investeringen in de woning. Deze waarde komt de rechtbank thans – eind 2013 – echter bepaald reëel voor, gezien de genoemde WOZ-waarde per 1 januari 2011. De man dient dan ook voor dat bedrag financiering te verwerven.
De rechtbank zal bepalen dat de vrouw de man na afloop van de eerdergenoemde termijn van drie maanden (opnieuw) de namen van drie NVM-makelaars dient op te geven, waaruit de man binnen een week een keuze dient te maken, op straffe van de gevraagd dwangsom van € 500,-- per (gedeelte van een) dag dat hij daarmee in gebreke blijft, met een maximum van € 10.000,--.
De man dient vervolgens zijn volledige medewerking te verlenen aan de opdrachtverlening aan de makelaar en het te koop zetten van de woning, het bepalen van een vraag- en laatprijs op advies van de makelaar, aan bezichtigingen, onderhandelingen, verkoop en levering en alle andere handelingen die in dat verband noodzakelijk zijn. Nu het hier gaat om een veelheid aan handelingen en de vrouw deze niet voldoende heeft geconcretiseerd, in het bijzonder niet ten aanzien van termijnen, zal de rechtbank daarvoor thans verder geen dwangsom bepalen.
Gelet op de huidige verstandhouding van partijen geeft de rechtbank hen in overweging het contact over de te kiezen makelaar via de advocaten te laten verlopen en daarna overleg over de te nemen beslissingen, zoals de vraag- en laatprijs, via de makelaar. Ook verdient het aanbeveling dat partijen met de makelaar overeenkomen dat de makelaar, indien tussen partijen geen overeenstemming bestaat, hen bindend zal adviseren.
“
Niet-nakomen van afsprakenMochten bovengenoemde afspraken niet tot het gewenste resultaat – het stoppen van de ruzies – leiden dan moet het tot een scheiding besloten worden, ongeacht de financiële consequenties.
Tot slotMochten [de man] en [de vrouw] in de toekomst gezamenlijk besluiten te scheiden en is [de man] dan in staat het huis alleen op zijn naam te hebben, dan wordt het huis aan [de man] toebedeeld, met alle lusten en lasten, en doet [de vrouw] afstand van het bij en scheiding aan haar toekomende wettelijke vermogensdeel uit het huis.”
Bij verkoop zal de opbrengst van de garage bij helfte dienen te worden gedeeld.
4.Beleggingsverzekeringenpolissen
5.Bank- en spaarrekeningen
6.Inboedel
Ter terechtzitting zijn partijen in de gelegenheid gesteld nader overleg te voeren over de verdeling hiervan. Partijen zijn het niet eens geworden over de verdeling van de inboedel, met uitzondering van de vitrages en gordijnen die aan de man en de eettafel en stoelen die aan de vrouw worden toegedeeld. Daarnaast heeft de man aangegeven dat één Engelse kast al aan zijn dochter is gegeven.
Nu partijen niet over de waarde van de inboedel hebben gesproken gaat de rechtbank er van uit dat deze zonder nadere verrekening plaats zal vinden. Gelet hierop zal de rechtbank de onderstaande verdeling vaststellen, nu deze haar niet onredelijk voorkomt.
7.Auto
De vrouw heeft gemotiveerd betwist dat de auto reeds in augustus 2012 aan de dochter zou zijn overgedragen; de auto is volgens haar pas rond mei 2013 overgeschreven op de naam van de dochter.
8.Ontbrekende gelden
10.Vordering van de man op de vrouw
Indien de man binnen drie maanden na heden geen financiering heeft verkregen om de echtelijke woning over te nemen, dient deze te worden verkocht. De man dient in dat geval binnen een week een makelaar aan te wijzen uit de drie door de vrouw aangedragen NVM-makelaars op straffe van een dwangsom van € 500,-- per (gedeelte van een) dag dat de man daarmee in gebreke blijft. Vervolgens dient de man zijn volledige medewerking te verlenen aan het te koop zetten van de woning, het bepalen van een vraag- en laatprijs op advies van de aan te zoeken makelaar, aan bezichtigingen, onderhandelingen, verkoop en levering en alle andere handelingen die in dat verband noodzakelijk zijn;
Indien de man niet binnen drie maanden na heden financiering heeft verkregen om de garage over te nemen, dient deze te worden verkocht. De man dient in dat geval binnen een week een makelaar aan te wijzen uit de drie door de vrouw aangedragen makelaars en vervolgens zijn volledige medewerking te verlenen aan het te koop zetten van de garage, het bepalen van een vraag- en laatprijs op advies van de aan te zoeken makelaar, bezichtigingen, verkoop en levering en alle andere handelingen die in dat verband redelijkerwijze noodzakelijk zijn.
- [nummer]
- [nummer]
- [nummer]
- [nummer]
- [nummer],
onder verrekening van de helft van de saldi per peildatum met de man;
- commodekast;
- wasmachine;
- [nummer]
- [nummer]
- [nummer]
- [nummer]
- [nummer],
onder verrekening van de helft van de saldi per peildatum met de man;
- Engelse boekenkast met boeken vrouw;
- bankstel woonkamer
- Ikea-tafeltje;
- dressoirkast;
- eettafel en stoelen;
- geborduurd schilderij;
- buikkastje, bijzetkastje en paraplubak;
- huisraad, linnen- en beddengoed,
zonder nadere verrekening met de man;