ECLI:NL:RBDHA:2013:9464
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bestuurlijke boete voor manipulatie tachograaf bij vervoer zonder woonplaats in Nederland
Eiser, een onderneming gevestigd in Polen, kreeg een bestuurlijke boete van €2.200 opgelegd wegens overtreding van het Arbeidstijdenbesluit vervoer door manipulatie van de tachograaf. De boete werd direct ter plaatse geïnd omdat het voertuig en de bestuurder geen bekende woonplaats in Nederland hadden.
Eiser maakte bezwaar en stelde onder meer dat het direct innen van de boete in strijd is met het discriminatieverbod van artikel 12 EG Pro-Verdrag en dat er geen sprake was van manipulatie, maar van een storing. Verweerder handhaafde het besluit en motiveerde dit met technische gegevens uit het motormanagement en de tachograaf, waaruit manipulatie bleek.
De rechtbank oordeelde dat de boete niet onder het Kaderbesluit 2005/214/JBZ valt omdat het een zuiver bestuursrechtelijke boete betreft. Het onderscheid tussen ingezetenen en niet-ingezetenen is objectief gerechtvaardigd en proportioneel. De rechtbank vond de technische bewijzen overtuigend en stelde dat eiser als werkgever verantwoordelijk is voor de juiste werking van de tachograaf.
Het beroep werd ongegrond verklaard en de boete bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Beroep ongegrond verklaard en bestuurlijke boete van €2.200 bevestigd wegens tachograafmanipulatie.