ECLI:NL:RBDHA:2013:BZ0029
Rechtbank Den Haag
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing rectificatieverzoek inzake brief over vermeende maffiabanden
Eiser, een Nederlands staatsburger met zakelijke belangen in Italië en de Antillen, werd door het Italiaanse ministerie van Binnenlandse Zaken in een brief van 26 mei 2011 in verband gebracht met de maffia. Deze informatie werd mondeling verstrekt aan de ambassadeur van het Koninkrijk der Nederlanden te Rome, die dit doorzond aan de toenmalige premier van Curaçao.
Eiser vorderde in kort geding dat de Staat de brief zou rectificeren wegens reputatieschade en onrechtmatig handelen. De rechtbank oordeelde dat de brief niet als een publicatie in de zin van de wet kan worden aangemerkt, omdat deze slechts aan een enkele geadresseerde was gericht en de Staat niet verantwoordelijk was voor het openbaar worden van de inhoud.
De rechtbank benadrukte de beleidsvrijheid van de Staat op het gebied van buitenlandse betrekkingen en vond dat de Staat slechts de door Italië verstrekte informatie had doorgegeven zonder zelf de inhoud te bepalen. Ook was onvoldoende aannemelijk dat de Staat onrechtmatig had gehandeld of dat een rectificatie op grond van onrechtmatige daad of rechtmatige overheidsdaad gerechtvaardigd was.
De vordering tot rectificatie werd daarom afgewezen en eiser werd veroordeeld in de proceskosten. De uitspraak onderstreept de terughoudendheid van de rechter bij inmenging in diplomatieke communicatie en het belang van parlementaire immuniteit bij uitlatingen aan de Tweede Kamer.
Uitkomst: De rechtbank wijst het verzoek tot rectificatie af en veroordeelt eiser in de proceskosten.