ECLI:NL:RBDHA:2013:BZ1609
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geen recht op zorg- en huurtoeslag bij onrechtmatig verblijf ondanks lopend hoger beroep
Eiser heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van de Belastingdienst om de voorschotten zorg- en huurtoeslag voor 2012 op nihil te stellen vanwege zijn verblijfstatuscode 98, wat betekent dat hij geen rechtmatig verblijf had. De rechtbank stelt vast dat eiser sinds 25 maart 2011 met deze code staat geregistreerd, nadat zijn aanvraag tot verlenging van de verblijfsvergunning was afgewezen en het bezwaar en beroep ongegrond waren verklaard.
Eiser betoogt dat hij rechtmatig verblijf had op grond van artikel 8, onderdelen g of h van de Vreemdelingenwet 2000 omdat hij in afwachting was van de beslissing op zijn hoger beroep. De rechtbank oordeelt echter dat de opschortende werking van artikel 82 Vreemdelingenwet Pro niet geldt voor hoger beroep en dat eiser de uitkomst daarvan niet in Nederland mag afwachten.
Verder wordt het beroep ongegrond verklaard omdat het toekennen van een bijstandsuitkering door de gemeente niet leidt tot recht op zorg- en huurtoeslag en geen tegenstrijdige beslissingen van verweerder oplevert. De rechtbank concludeert dat eiser geen aanspraak kan maken op toeslagen voor 2012 vanwege het ontbreken van rechtmatig verblijf.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard omdat eiser geen rechtmatig verblijf had en daarom geen recht op zorg- en huurtoeslag.