ECLI:NL:RBDHA:2013:BZ2439
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek verklaring rechtsvermoeden van overlijden wegens onvoldoende bewijs
Verzoeker heeft een verzoek ingediend tot verklaring van rechtsvermoeden van overlijden van zijn echtgenote, de vermiste, op grond van omstandigheden in Afghanistan en verklaringen van derden.
De rechtbank heeft vastgesteld dat verzoeker onvoldoende heeft aangetoond dat het bestaan van de vermiste onzeker is. De enkele verklaring van de oom van verzoeker, die niet uit eigen waarneming is, en de algemene verwijzing naar de oorlogssituatie in Afghanistan zijn niet voldoende om het overlijden aan te nemen.
Ook het aanbod om een vriend te horen die de oom heeft gesproken, wordt afgewezen omdat diens verklaring slechts een doorvertelling is. Er is geen concreet bewijs over de precieze omstandigheden van overlijden.
De rechtbank overweegt dat verzoeker een echtscheidingsprocedure kan starten om het huwelijk te beëindigen. Het verzoek tot verklaring van rechtsvermoeden van overlijden wordt afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek tot verklaring van rechtsvermoeden van overlijden wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs.