ECLI:NL:RBDHA:2013:BZ3284

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
11 februari 2013
Publicatiedatum
8 april 2013
Zaaknummer
C/09/419508 FA RK 12-3722
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 3 RvArt. 10:92 BWArt. 1:204 BWArt. 312 Code CivilArt. 313 Code Civil
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Inschrijving Franse geboorteakte met erkenning vader in Nederland

De man en vrouw kregen samen in Frankrijk een kind dat tijdens hun echtscheidingsprocedure werd geboren. De man erkende het kind prenataal volgens Frans recht en staat als vader op de Franse geboorteakte. Hij verzocht de Nederlandse rechtbank om deze geboorteakte in te schrijven in Nederland met hem als vader vermeld.

De rechtbank beoordeelde dat de Franse geboorteakte voor inschrijving in de Nederlandse registers vatbaar is. Frans recht is van toepassing op de vraag of de echtgenoot van de moeder de vader is, waarbij het vaderschap van de echtgenoot werd ontkend omdat hij niet op de geboorteakte staat en zelf de ouderlijke relatie ontkent.

Nederlands recht is van toepassing op de erkenning door de verzoeker, die rechtsgeldig is en niet is betwist. De rechtbank besloot daarom de inschrijving van de geboorteakte in Nederland toe te staan met de verzoeker als vader vermeld. Het verzoek tot uitvoerbaar bij voorraad verklaring werd afgewezen vanwege de aard van de zaak.

Uitkomst: De rechtbank beveelt inschrijving van de Franse geboorteakte in Nederland met de verzoeker als vader vermeld.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG
Enkelvoudige kamer
Rekestnummer: FA RK 12-3722
Zaaknummer: C/09/419508
Datum beschikking: 11 februari 2013
Inschrijven geboorteakte
Beschikking op het op 21 mei 2012 ingekomen verzoekschrift van:
[de minderjarige],
geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats], Frankrijk,
de minderjarige,
wonende te [woonplaats],
advocaat mr. H. de Voer te Amsterdam,
in rechte voorts vertegenwoordigd door mr. M.J.J.A. Ooms, advocaat te Nieuwerkerk aan de IJssel,
en
[verzoeker],
hierna tevens te noemen: [verzoeker];
wonende te [woonplaats],
advocaat: mr. H. de Voer te Amsterdam.
Als belanghebbenden worden aangemerkt:
[de moeder],
de moeder,
wonende te [woonplaats],
advocaat; mr. --;
[belanghebbende],
hierna te noemen: [belanghebbende],
wonende te [woonplaats],
advocaat: mr. --,
de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente [gemeente],
zetelend te [gemeente],
hierna te noemen: de ambtenaar.
Procedure
De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder:
- het verzoekschrift,
- de brief d.d. 20 juni 2012 met bijlagen van de zijde van verzoekers;
- het verweerschrift van de bijzonder curator;
- de brief d.d. 4 juli 2012 met bijlagen van de zijde van verzoekers;
- de brief d.d. 11 juli 2012 van de zijde van verzoekers;
- de brief d.d. 25 juli 2012 van de zijde van verzoekers;
- de brief d.d. 14 augustus 2012 van de zijde van bijzonder curator, houdende wijziging van het verzoek;
- de brief d.d. 31 oktober 2012 van de ambtenaar;
- de brief d.d. 12 december 2012 van de zijde van verzoekers, tevens houdende een wijziging van het verzoek.
Verzoek en verweer
Het verzoek zoals dat thans luidt strekt tot inschrijving van de geboorteakte van de minderjarige met de juiste afstammingsgegevens, een en ander bij beschikking, voor zover de wet dat toelaat, uitvoerbaar bij voorraad.
De bijzonder curator verzoekt de rechtbank primair om over te gaan tot ontkenning van het door huwelijk ontstane vaderschap van [belanghebbende] over de minderjarige en subsidiair om vaststelling van de familierechtelijke betrekkingen tussen de minderjarige en [verzoeker].
De ambtenaar voert verweer en stelt voor dat de rechtbank last geeft tot inschrijving van de geboorteakte van de minderjarige.
Feiten
- [belanghebbende] en de moeder zijn gehuwd op [datum huwelijk] te [plaats huwelijk], welk huwelijk op
[datum echtscheiding] door echtscheiding is ontbonden.
- Tijdens het huwelijk is voornoemde minderjarige geboren, op [geboortedatum].
- De minderjarige is op [datum erkenning] door [verzoeker] erkend.
- Op de geboorteakte van de minderjarige staat [verzoeker] als vader vermeld.
- Er wordt geen melding van [belanghebbende] gemaakt op de geboorteakte van de minderjarige.
- [belanghebbende] heeft op 11 januari 2012 een verklaring opgesteld, waarin hij verklaart niet de biologische vader van de minderjarige te zijn en waarin hij verklaart elke ouderlijke verwantschapsrelatie met de minderjarige te ontkennen.
- [belanghebbende], de moeder en de minderjarige hebben elk de Franse nationaliteit.
- [verzoeker] heeft de Nederlandse nationaliteit.
- [verzoeker], de moeder en de minderjarige hebben hun gewone verblijfplaats thans in Nederland.
- [belanghebbende] heeft zijn gewone verblijfplaats in Frankrijk.
- Bij beschikking van deze rechtbank d.d. 4 juni 2012 is de bijzonder curator voormeld over de minderjarige benoemd.
Beoordeling
Nu verzoekers in Nederland wonen, heeft de Nederlandse rechter rechtsmacht op grond van artikel 3 aanhef Pro en onder a van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.
De rechtbank begrijpt het verzoek van [verzoeker] en de minderjarige aldus dat verzocht wordt te bepalen dat [belanghebbende] niet als vader van de minderjarige wordt aangemerkt en dat de erkenning door [verzoeker] in Nederland wordt erkend, zodat de geboortegegevens van de minderjarige in de Nederlandse registers opgenomen kunnen worden.
De rechtbank overweegt ten aanzien van dit verzoek als volgt.
Allereerst dient beoordeeld te worden of [belanghebbende] de vader van de minderjarige is. Op deze beoordeling is op grond van artikel 10: 92 van het Burgerlijk Wetboek (hierna: BW) Frans recht van toepassing.
Op grond van artikel 312 van Pro de Code Civil wordt [belanghebbende] vermoed de vader van de minderjarige te zijn nu de minderjarige staande huwelijk van [belanghebbende] met de moeder is geboren. Dit vermoeden van vaderschap bestaat zoals vermeld in artikel 313 van Pro de Code Civil echter niet langer omdat [belanghebbende] niet op de geboorteakte van de minderjarige staat vermeld. Nu voorts niet is gebleken van herstel van vaderschap door [belanghebbende] op grond van de wet, en uit de verklaringen van hem naar voren komt dat hij niet in (juridische) relatie tot de minderjarige wenst te komen staan, gaat de rechtbank er vanuit dat [belanghebbende] naar Frans recht terecht niet als vader is vermeld op de geboorteakte.
De rechtbank dient voorts te beoordelen of [verzoeker] voormeld de vader van de minderjarige is. Op grond van artikel 10: 92 BW is op dit verzoek Nederlands recht van toepassing. [verzoeker] heeft de minderjarige naar Frans recht erkend en is naar aanleiding van die erkenning als vader op de geboorteakte vermeld.
Op grond van artikel 1: 204 BW is sprake van een rechtsgeldige erkenning door [verzoeker], nu niet is gebleken dat er ten tijde van die erkenning sprake was van twee ouders en voorts niet is gebleken van één van de andere nietigheidsgronden. De rechtbank is derhalve van oordeel dat de door [verzoeker] op [datum erkenning] gedane erkenning in Nederland erkend dient te worden en [verzoeker] in overeenstemming met het Nederlandse recht als vader op de geboorteakte staat vermeld.
Het bovenstaande leidt er naar het oordeel van de rechtbank toe dat de geboorteakte van de minderjarige voor inschrijving in de Nederlandse registers in aanmerking komt. De rechtbank zal de ambtenaar last geven tot inschrijving van de geboorteakte van de minderjarige.
Nu de aard van de zaak zich verzet tegen het uitvoerbaar bij voorraad verklaren van de beschikking, zal de rechtbank het hiertoe strekkende verzoek afwijzen.
Beslissing
De rechtbank:
geeft de ambtenaar last tot inschrijving van de geboorteakte met nummer [aktenummer] van het jaar [jaar], van de minderjarige [de minderjarige], geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats], Frankrijk, waarbij als vader dient te worden vermeld [verzoeker] en als moeder [de moeder];
wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is gegeven door mr. A.M. Brakel, tevens kinderrechter, bijgestaan door mr. I.M. Talstra - Touwen als griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
11 februari 2013.