ECLI:NL:RBDHA:2013:BZ3757
Rechtbank Den Haag
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- A.W.M. Bijloos
- A.B.M. Hent
- Rechtspraak.nl
Vernietiging inreisverbod wegens onvoldoende motivering staatssecretaris
De vreemdeling werd bij besluit van 20 januari 2013 geconfronteerd met een inreisverbod en vreemdelingenbewaring. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling tegen het inreisverbod ongegrond. De vreemdeling stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat de staatssecretaris bij het bepalen van de duur van het inreisverbod onvoldoende heeft gemotiveerd waarom de door de vreemdeling aangevoerde individuele omstandigheden, zoals zijn langdurige relatie met een vriendin in Nederland en het voornemen te trouwen, geen aanleiding gaven tot verkorting van het inreisverbod. Dit is in strijd met artikel 3:46 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
De Afdeling vernietigt daarom het besluit tot oplegging van het inreisverbod en verklaart het beroep van de vreemdeling gegrond. De overige onderdelen van de uitspraak van de rechtbank worden bevestigd. Tevens wordt de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling.
Uitkomst: Het inreisverbod wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering door de staatssecretaris.