ECLI:NL:RBDHA:2013:BZ5101
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling belastingvrije vergoeding inrichting werkruimte thuis
Eiseres verstrekte aan drie werknemers een vergoeding voor de inrichting van een werkruimte thuis zonder loonbelasting in te houden. Na een boekenonderzoek legde de Belastingdienst een naheffingsaanslag loonbelasting op, omdat niet was aangetoond dat de werkruimten voldeden aan het zelfstandigheidcriterium.
Het geschil spitste zich toe op de vraag of het criterium dat de werkruimte een naar verkeersopvattingen zelfstandig gedeelte van de woning moet zijn ook geldt voor vergoedingen uitsluitend voor de inrichting. De rechtbank oordeelde dat dit criterium inderdaad geldt, zoals blijkt uit artikel 30 van Pro de Uitvoeringsregeling loonbelasting 2001.
Eiseres kon niet aannemelijk maken dat de werkruimten aan dit criterium voldeden. Daarom konden de vergoedingen niet onbelast worden verstrekt. Het beroep werd ongegrond verklaard, maar verweerder werd veroordeeld in de proceskosten en tot vergoeding van het griffierecht.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard en de naheffingsaanslag loonbelasting bevestigd.