ECLI:NL:RBDHA:2013:BZ5801
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verlenging ondertoezichtstelling minderjarige en intrekking verzoek machtiging uithuisplaatsing
De rechtbank Den Haag behandelde op 25 februari 2013 een verzoek tot verlenging van de ondertoezichtstelling van een minderjarige geboren in 2008 en een machtiging tot uithuisplaatsing. De minderjarige verbleef feitelijk bij de moeder. Zowel de moeder als de vader waren opgeroepen, maar verschenen niet; de moeder liet weten niet te komen uit angst voor uithuisplaatsing.
Bureau Jeugdzorg, vertegenwoordigd door mevrouw Dispa, persisteerde in het verzoek tot verlenging van de ondertoezichtstelling en trok het verzoek tot machtiging tot uithuisplaatsing in, omdat de moeder en minderjarige per 28 februari 2013 in een noodopvang konden verblijven.
De kinderrechter oordeelde dat de gronden voor ondertoezichtstelling volgens artikel 1:254 lid 1 BW Pro nog aanwezig waren en verlengde de ondertoezichtstelling van 22 maart 2013 tot 22 februari 2014. Over het verzoek tot uithuisplaatsing werd geen beslissing genomen wegens intrekking. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en kan binnen drie maanden worden aangevochten door hoger beroep.
Uitkomst: De ondertoezichtstelling van de minderjarige wordt verlengd en het verzoek tot machtiging tot uithuisplaatsing wordt ingetrokken.