ECLI:NL:RBDHA:2013:BZ5825
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verlenging ondertoezichtstelling minderjarige wegens ontwikkelingsbedreiging
De rechtbank Den Haag heeft op 12 maart 2013 besloten tot verlenging van de ondertoezichtstelling van een minderjarige voor de periode van één jaar, van 19 maart 2013 tot 19 maart 2014. De minderjarige verblijft feitelijk bij de moeder, die het ouderlijk gezag samen met de vader uitoefent. De vader stemde in met de verlenging, hoewel hij bezwaar maakte tegen de invulling van de omgangsregeling.
De ondertoezichtstelling was eerder vastgesteld op 19 maart 2012 vanwege een ontwikkelingsbedreiging die onvoldoende was opgeheven. De moeder, die Asperger heeft, biedt structuur en veiligheid, maar de minderjarige heeft nog steeds problemen met emoties, sociale contacten en een trage taalontwikkeling. De omgangsregeling tussen vader en kind verloopt moeizaam en wordt begeleid door Bureau Jeugdzorg.
De rechtbank oordeelde dat de gronden voor ondertoezichtstelling volgens artikel 1:254 lid 1 BW Pro nog steeds aanwezig zijn en verlenging noodzakelijk is. Bureau Jeugdzorg zal een schriftelijke aanwijzing geven over zorg- en opvoedingstaken. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en kan binnen drie maanden worden aangevochten door hoger beroep.
Uitkomst: De ondertoezichtstelling van de minderjarige wordt verlengd tot 19 maart 2014.