ECLI:NL:RBDHA:2013:BZ6741
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- D.S.M. Bak
- E.M. Vermeulen
- A.B. Terlouw
- Rechtspraak.nl
Afwijzing machtiging voorlopig verblijf wegens niet aannemelijke feitelijke gezinsband
Eisers dienden aanvragen in voor een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) voor verblijf bij referente, houdster van een verblijfsvergunning asiel. Verweerder wees de aanvragen af omdat niet aannemelijk was gemaakt dat eisers feitelijk tot het gezin van referente behoorden. De rechtbank toetste het besluit aan artikel 29 van Pro de Vreemdelingenwet 2000 en de Awb.
De rechtbank overwoog dat DNA-onderzoek niet verplicht is indien op basis van een identificerend gehoor de gezinsband niet aannemelijk is. DNA-onderzoek toont immers alleen biologische afstamming aan, niet de feitelijke gezinsband. Eisers voerden aan dat zij niet voldoende gelegenheid hadden gehad om hun zienswijze te geven, maar de rechtbank oordeelde dat dit gebrek in bezwaar was hersteld.
De rechtbank stelde vast dat de verklaringen van eisers onderling en met die van referente verschilden, waardoor de feitelijke gezinsband niet aannemelijk was gemaakt. Ook de zorgvuldigheid van de gehoren en het gebruik van tolken werden beoordeeld en als voldoende geacht. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de machtiging tot voorlopig verblijf wordt ongegrond verklaard wegens onvoldoende aannemelijkheid van de feitelijke gezinsband.