ECLI:NL:RBDHA:2013:BZ7897
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid vervoerder voor gestolen lading koper onder CMR-verdrag
In deze zaak vorderen Dalessi Internationaal Transport B.V. en TVM Zakelijk N.V. schadevergoeding van Trucking KS wegens het niet afleveren van twee zendingen koper die door een ondervervoerder zijn gestolen. De rechtbank beoordeelt of tussen partijen een expeditie- of vervoersovereenkomst geldt en stelt vast dat het CMR-verdrag van toepassing is op grond van de vervoersovereenkomst.
De rechtbank oordeelt dat Trucking KS onvoldoende heeft aangetoond dat hij als expediteur optrad; de overeenkomst kwalificeert als vervoersovereenkomst waarbij Trucking KS als vervoerder aansprakelijk is. De ondervervoerder Mija Trans heeft de ladingen ontvreemd, wat opzet inhoudt en voor rekening komt van Trucking KS. Trucking KS kan zich niet beroepen op overmacht omdat hij niet alle redelijke maatregelen heeft genomen om het verlies te voorkomen.
De rechtbank wijst de volledige door Dalessi geleden schade toe, inclusief de CMR-rente vanaf de dag van aansprakelijkstelling. De vordering voor gevolgschade wordt afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing. Trucking KS wordt veroordeeld tot betaling van de hoofdsommen, rente, proceskosten en nakosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Trucking KS is aansprakelijk voor de volledige schade door gestolen koperlading en wordt veroordeeld tot betaling van schadevergoeding met rente en kosten.