ECLI:NL:RBDHA:2013:CA1261
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling medeorganisator invoer 575 kg cocaïne via containerschip uit Ecuador
In deze zaak werd verdachte verdacht van medeplegen bij het invoeren van circa 575 kilogram cocaïne in Nederland via een containerschip uit Ecuador. Het onderzoek betrof onder meer observaties, telefoontaps en het aantreffen van documenten die het mislukken van het transport bevestigden. Verdachte werd gezien als een belangrijke schakel en medeorganisator die verantwoording moest afleggen over het mislukken van het transport.
De rechtbank oordeelde dat ondanks het ontbreken van een bevel tot stelselmatige observatie, de observatieverslagen gebruikt mochten worden omdat verdachte slechts kort en niet stelselmatig was geobserveerd. Ook was de aanhouding van verdachte rechtmatig vanwege het redelijk vermoeden van schuld. Verdachte gaf geen geloofwaardige verklaring voor zijn ontmoetingen met andere verdachten, wat zijn betrokkenheid bevestigde.
Het kokosnootcriterium werd besproken, maar niet van toepassing geacht omdat verdachte al vóór de inbeslagneming handelingen verrichtte die gericht waren op het vervoer van de cocaïne. De rechtbank concludeerde dat verdachte medepleger was van het drugstransport en veroordeelde hem tot vijf jaar gevangenisstraf. De straf was passend gelet op de ernst van het feit en de omstandigheden.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot vijf jaar gevangenisstraf voor medeplegen van het invoeren van 575 kilogram cocaïne.